België

Donderdag 1 augustus 2019
Lekker ritje met de trein, vanaf Sloterdijk gaat de sneltrein in één keer naar Maastricht. Daar huur ik een OV-fiets en ga richting St. Pietersberg. Onderweg in Maastricht kom ik natuurlijk al mooie plekjes tegen.

Bij een boomgaard hangt een bord dat je daar zelf fruit mag plukken. Dat vind ik wel heel aardig. Ik loop daar een heel tijdje rond op zoek naar insecten, bij de rottende pruimen op de grond zie ik wespen genoeg. Ik pluk 3 pruimen en eet er 2 op, die zijn verrukkelijk. De derde is al half opgevreten, die gooi ik weg.

Ik fiets een stukje en opeens ben ik bij de Sint Pietersberg. Ik zet de fiets op slot en ga daar naar boven. Ik dacht altijd dat het een hele berg zou zijn, maar het is meer een heuvel.

Twee vrouwen vragen of ik een foto van hun wil maken, want dit is het einde van het Pieterpad dat ze hebben gelopen in de loop der jaren. Ze mogen van mij ook een foto maken.

In de nissen van het fort zie ik 2 jonge zwarte roodstaarten. Die ene kan ik mooi in beeld krijgen.

Een bij op een speerdistel.

Na een klein eindje fietsen kom ik al bij de ENCI-groeve uit. Daar sta ik een tijd te kijken want ik hoop daar een oehoe te zien. Ook een andere fotograaf met een telescoop staat te turen, maar niks hoor.

Wel een schitterend gezicht zo.

Er is een uitkijkpunt gemaakt en ik zie beneden schapen lopen.

Vanaf het uitkijkpunt kan je via trappen een heel eind naar beneden lopen.

Zelfs daar waar de schapen lopen mag je wandelen (denk ik).

Ik fiets terug naar waar ik begon bij de ENCI-groeve en ga een heel eind door een bos. Daarna wordt het weer open en in de verte staat het kasteel Cannes.

Ongemerkt ben ik in België beland. Ik ga over de brug die over het Albertkanaal is gebouwd.

Ik wil nog een stukje langs het Albertkanaal fietsen, maar ben toch verkeerd gereden. Ik ga terug en dan kom ik er wel lang. Dan gaat er een weggetje door een bos met een heel smal beekje. Een man staat te kijken naar iets, dan zegt hij iets in het Frans tegen me en ik begrijp dat hij het over beversporen heeft. Hij loopt hier elke dag en heeft niet eerder die sporen gezien zegt hij in het Nederlands.

Ik fiets terug naar Maastricht en kom dan langs het kasteel Cannes. In Maastricht fiets ik een beetje op gevoel richting station en kom opeens langs het Vrijthof.

Bij het station koop ik in een winkel een salade en een flesje en aanvaard de terugreis. Dit heb ik gefietst en gelopen:

Piramidevlinder

Woensdag 31 juli 2019
Het is ’s nachts nog behoorlijk warm en met het raam wagenwijd open en het licht aan dan komt er nog wel eens een nachtvlinder binnen en dat is vandaag een piramidevlinder.

Ik heb mijn fototas even in de kamer neergezet en even later zit Moppie er in.

Sigaarzakdrager

Dinsdag 30 juli 2019
Met Joke loop ik de Vossendelroute. Ik laat haar 3 soorten zakdragers op een kastanjeboom zien: een gewone zakdrager, een hoornzakdrager en die lange is een sigaarzakdrager. In die zakjes zitten de vrouwtjes van die vlinders.

Ik fiets terug door Schoonenberg en daar poedelen een paar koolmeesjes in een laagje water.

Als ik door Velserbeek fiets ga ik even bij het hertenkamp kijken. Het lijkt wel of er een zomertaling zit, dus ga ik dichterbij kijken, helaas zie ik hem dan niet meer, dus het zal wel gezichtsbedrog geweest zijn. Een blauwe reiger ligt lekker in het zonnetje.

Een stelletje nijlganzen heeft nog maar 1 pulletje die dapper tussen de ouders stapt.

Grote insecten

Maandag 29 juli 2019
Leuke vlindertelling bij de spoorlijn. Een verse distelvlinder landt vlak voor me, een oranje luzernevlinder die wel wil poseren, rupsen van de kompassla-uil en pyjamawantsen aan het paren. Apart is de vrijwel witte kauw die ik zie, daarvoor heb ik niet de goede camera bij me, de foto’s komen nog wel eens.
De rupsen van de kompassla-uil eten het liefst de knoppen van de kompassla.

Heel veel rupsen zelfs van de kompassla-uil.

Een pyjamawants die het hogerop zoekt, zou daar zijn bedje zijn?

De oranje luzernevlinder wilde zelfs poseren.

Ik ga de Cremermeer-vlinderroute lopen. Een behangersbij snijdt stukjes uit een blad om daar haar nest mee te behangen. Leuk dat ik die weer eens zie met een blaadje.

Ja hoor, op het stuk waar ik niet hoef te tellen zie ik 5 distelvlinders, 3 bonte en drie bruine zandoogjes, een icarusblauwtje, een argusvlinder, een hooibeestje en 3 citroenvlinders.

Een harkwesp op koninginnekruid.

Op sectie 3 en 4 zie ik vaak damherten, dit keer zie ik 2 reeën.

Een hermelijnbladroller op de besjes van duindoorn.

Leuk dat er ook een duindoornboorvlieg zit.

Als ik mijn rondje heb gedaan ga ik nog even terug naar het stukje waar zoveel vlinders zaten. Daar tref ik een jonge blauwborst.

Niet zo veel vlinders meer, wel een vrouwtje grote kommazweefvlieg.

Rups klein koolwitje

Zondag 28 juli 2019
Ik vind zomaar een rups van een klein koolwitje in mijn tuin, terwijl ik zelden vlinders in mijn achtertuin zie.

Ik breng de rups naar de overkant en kijk gelijk even of ik meer kompassla-uilrupsen zie, ja dus.

Bovendien een kleine nimf van een smalle randwants, geinig beestje.

Pallopterida muliebris

Zaterdag 27 juli 2019
In het asiel vind ik het vliegje (Pallopterida muliebris) die ik al heel lang op mijn verlanglijstje heb staan, jammer dat het dood is, maar nu kan ik het wel van alle kanten fotograferen.

Op de schuur zit een granietmot op het beton, lekkere camouflage.

’s Avonds ga ik nog fietsen in de Herenduinen. Een jonge roodborsttapuit gezien.

Kerkzesoog

Donderdag 25 juli 2019
Het is te warm om iets te doen overdag, maar liefst 37 graden. ’s Avonds kijk ik wel op de planten en de schuur of daar iets zit. Ik ontdek een zwarte spin en die wil tussen de spleten van de schuur kruipen. Ik houd hem even tegen met een takje zodat ik foto’s kan nemen. Met die 8 poten is het altijd zo moeilijk te zien hoe het in elkaar zit en op de foto ontdek ik dat het een groot vrouwtje is met een kleiner mannetje. Het is een kerkzesoog.

Pyjama-party

Woensdag 24 juli 2019
Het is ’s morgens al behoorlijk warm, lekker weer om de vlinderroute voor de deur te doen. Al een tijd niet meer gezien: de pyjama-wants.

Een klein spinnetje, een blinker.

Ik kijk heel goed op de kompassla-planten naar rupsen. Ik denk dat ik een rups van de kompassla-uil heb gevonden. Achteraf is het een rups van de gamma-uil, want deze heeft twee buikpoten.

Ik heb ze toch gevonden, de rupsen van de kompassla-uil.

Vlaamse gaai

Dinsdag 23 juli 2019
Het is 27 graden, best warm om vlinders te tellen. Op het weiland van de Vossendel kom ik een eikenpage tegen, de tweede op de route.

Op het andere open stukje een blauwvleugelsprinkhaan.

Maar ook een duinsabelsprinkhaan die niet zo algemeen is.

Aan het eind van de route staat heel veel bosandoorn, het meeste is uitgebloeid, een paar nog niet.

Ik kom op de route 2 jonge bonte spechten tegen. Eerst een op het pad en later een die vrij dicht bij zit, alleen jammer van die takken.

Bij de Cremermeerroute zie ik er nog een bij de strandopgang.
Er zijn niet veel insecten, alleen de soldaatjes vermenigvuldigen zich waar je bij staat.

Drie kleuren Schotse hooglanders op één plaatje.

Het is al bijna 7 uur en nog steeds heel warm. De Vlaamse gaai heeft ook last van de warmte, maar nu heb ik eindelijk het gelukkie dat hij even blijft zitten.

Het is alsof iemand al zijn schoen heeft gezet, wel op een rare plaats.

Na de tankval zie ik maar liefst 7 zanglijsters, een paar jonge en deze mooie.

Prachtdag

Maandag 22 juli 2019
Gezellig dat Helma en Henk een dagje op visite komen. Kan ik ze gelijk de schoonheid van de Kennemermeer laten zien en dat kunnen ze zeker waarderen. Je weet ook niet wat je ziet als je de kleine bloemetjes uitvergroot zoals het sierlijk vetmuur ook wel krielparnassia genoemd.

Het zilt torkruid ziet er uit als een wit schempje tot je het in de macro-stand ziet.

We gaan wat eten en daarna de pier op. Enkele steenlopers in zomerkleed.

Maar 1 enkele paarse strandloper, ook in zomerkleed, wel heel herkenbaar aan de snavel.

Een aalscholver is zijn kleedje aan het drogen.

Op de terugweg ziet Helma een wulp. Ik was al blij dat ze op visite waren, nu is het helemaal super 😉 De wulp heeft een blaasjeskrab te pakken.

Hier ben ik heel blij mee (en Helma ook).

Een jonge spreeuw zit lekker vliegjes tussen het wier te pikken.

Wat was het een hartstikke leuke, gezellige dag.

Veenmol

Woensdag 17 juli 2019
Ik loop de Vossendel alleen en heb heel wat te tellen, ik kom maar liefst op 81 vlinders! Regelmatig ook een hommel zoals de weidehommel op duinkruiskruid.

Ik loop achter twee keizersmantels aan die om elkaar heen dartelen, dan zie ik opeens een veenmol in het weiland. Het is een kleintje, ongeveer 5-6 cm.

Hier en daar een koevinkje.

Bij de Cremermeerroute tel ik maar 5 vlinders. De Schotse hooglanders staan weer in het water en even later staan de 2 jonge bij elkaar en de oudere een eindje verderop.

In de Herenduinen komt de keizersmantel ook regelmatig voor.

Zo grappig als de achterdeur open staat ligt Moppie heel vaak daar op de drempel.

Orchideeën tellen

Dinsdag 16 juli 2019
Omdat het gebied te groot is om alle orchideeën te tellen voor de statistieken worden er plots van 5 bij 10 meter uitgezet en dan wordt er berekend hoeveel er ongeveer in het gebied zouden kunnen staan. Dat is toch veel meer dan ze verwacht hadden. De groenknolorchidee komt op ruim 27000, alleen zijn ze niet allemaal tot bloei gekomen. Van de honingorchidee zijn ruim 5000 bloeistengels geteld. Dat maakt dit gebied wel heel bijzonder. Ook heel zeldzaam is de bonte paardenstaart waarvan hier een hele cluster staat.

In het natte gedeelte zie ik regelmatig moeraszoutgras.

Er vliegen wel een stuk of 100 gierzwaluwen over ons heen de hele tijd. De steekmuggen zitten laag.
Ik kom ook af en toe een ander insect tegen zoals deze slakkendoder.

Een spin maakt een kunstwerkje van het gras. Een venstersectorspin?

In het hok van de betaalautomaat op de parkeerplaats heb ik al 7 pinokkiomotten gezien en nu kom ik er ook weer een tegen in het wild. Die naam heeft hij gekregen vanwege de lange ‘neus’.

Maarten wil ook de bergcentaurie zien en we gaan even vergelijken met knoopkruid. Bergcentaurie staat dus wijduit.

Knoopkruid is meer beknopt en heeft een prachtige kelk.

Ik heb nog net tijd om de vlinderroute op de spoorlijn te doen en kom o.a. een bruin zandoogje tegen.

Rond wintergroen

Maandag 15 juli 2019
Bij de maandelijkse excursie bij het Kennemermeer kunnen we bijna niet meer om de honingorchideeën heen. Hier en daar staan er veel bij elkaar.

Ik pluk een motje van een grassprietje en die blijft mooi op mijn duim zitten.

Als het even kan laat ik de mensen het rond wintergroen zien, alleen al om de naam die ik de bloem altijd geef en dat slaat dan op de rode aanhangsel.

Thuis heb ik een mooie groene cicade met doorzichtige vleugels.

Keizersmantel

Donderdag 11 juli 2019
Op sectie 3 van de Vossendel komen Joke en ik een keizersmantel tegen die nogal vliegerig is. Op sectie 4 zien we er weer een en misschien is dat dezelfde.

Het einde van sectie 19 is de plek waar de koevinkjes zitten.

Bij sectie 7 zit een bruine pissenbed heel stil, ik fotografeer hem en wil hem dichterbij hebben, maar dan is hij toch snel. Zoef weg is ie.

Vorige keer dacht ik dat de gallen uit de naaldbomen waren gevallen, maar het zijn aardappelgalwespgallen en vallen uit de eiken. Het zijn er meer dan 100. Ik breek er een door zodat ik de binnenkant kan zien.

Sommige geaderde witjes zijn bijna zwart geaderd, andere hebben weer donkergele aders.

Op de Cremermeerroute houden de damherten me altijd in de gaten.

Een jonge blauwborst is zich aan het poetsen en heeft mij niet in de gaten.

Wat een geluk dat het maar een klein stuk is dat verbrand is, potverdorie de duinen zullen maar in de brand staan als ik er rond loop en als ik er niet ben is het al erg genoeg.

In de buurt bij de uitgang staat een ree, ik zie het te laat en fiets even terug. Gelukkig blijft hij staan. Hij heeft maar 1 hoorn (een eenhoornree?).

Stippelzegge

Dinsdag 9 juli 2019
We gaan weer orchideeën tellen en vandaag houd ik Maarten gezelschap omdat ik de GPS bedien 😉. We vinden een nieuwe groeiplek van teer guichelheil op een plek waar we dat niet zo verwachtten.

In de buurt staat ook geelhartje.

Maarten laat me een grote plek met dwergbloem zien, het is een onooglijk klein plantje.

Met een ongelooflijk klein bloemetje.

Op een enkele plek staat stippelzegge.

Heel zeldzaam.

Wel lopen we gewoon over het kamgras.

Wolhandkrab

Maandag 8 juli 2019
Voordat ik het strand op ga fotografeer ik een jonge kokmeeuw in de jachthaven. Het is daar zo ondiep dat het lijkt alsof hij over de bodem loopt.

Een enorme wolhandkrab vinden we op het strand.

Visdiefjes en een jonge grote stern die roept, maar daar wordt niet naar geluisterd.

Jonge kuifeendjes

Vrijdag 5 juli 2019
In het munitiebos toch weer een nieuw soort vlieg gezien: de dikdijbastvlieg. Naam heb ik via Facebook, toch wel handig.

Een vlieg op moederkruid.

Witte halvemaanzweefvlieg nog wapperend met de vleugels.

Klein wespje met flinke biceps.

Vliegende speld op grote klis.

Op een bunker in de Heksloot zitten steeds 2 kneuen, dit keer niet eens zo ver weg.

Gelijk door naar het landje van Gruijters waar ik aan de overkant jonge bergeenden zie.

Een kluut en een lepelaar dicht bij elkaar.

In een sloot bij de weilanden van Velserbroek zit een trotse moeder kuifeend met 6 kleintjes.

Ze doen allemaal hun eigen ding, de voorste ligt op zijn rug, de linker is aan het poetsen, de middelste neemt een duik en de rechtse is aan het relaxen.

Prachtsmalsnuitje

Woensdag 3 juli 2019
Vandaag gaan we wel orchideeën tellen bij het Kennemermeer. Ik tref het dat ik dan net een prachtsmalsnuitje zie, wat een bijzonder vlindertje.

We tellen dus de groenknolorchideeën en de honingorchideeën.

Omdat Maarten er niet is tel ik een deel in m’n eentje. Als ik mijn fototas even neer zet komt er gelijk een ekster op af, die denkt dat er wat lekkers te halen is.

Een steekvlieg op de honingorchidee.

De moeraswespenorchidee tellen we niet, daar staan er zoveel van.

Tegen etenstijd is de ekster er weer, hihi. Hij krijgt een stukje brood met pindakaas. Canon SX60HS

Wilde peen, dat zie je zo, haha.

Dankbare plant, komen insecten op af en woekert niet.

Een duinrouwzwever met meeldraden van de moeraswespenorchidee op z’n kop.

Joop en ik lopen de vlinderroute hier, maar dat gaat in rap tempo en levert niet veel op. We zien denken we knoopkruid alhoewel het er toch anders uit ziet en we nemen er foto’s van. Later hoor ik dat het de bergcentaurie is.

Zwervende heidelibel

Dinsdag 2 juli 2019
Vlinderroute spoorlijn met op de heenweg 33 vlinders en terug 40, aardige score. De hazenpootjes glimmen in de zon.

Zelfs een snelle grote keizerlibel ontsnapt niet aan het fietsverkeer.

Op het grasveld van de Vossendel zit een wantsensluipvlieg. Mooi en een vrij groot beest.

Deze keer zie ik een vrouw zwervende heidelibel bij de Cremermeerroute, nu op sectie 6.

Ze kunnen alle kanten op draaien met hun kop.

Ja hoor, buiten de secties zie ik een distelvlinder. Die zuigt mineralen op.

Kunstwerken

Maandag 1 juli 2019
Bij het Kennemermeer zou ik orchideeën gaan tellen dacht ik, toch verkeerd begrepen, er is niemand. Nou ja, kan ik naar de ‘kunstwerken’ kijken op de parkeerplaats.

Ik fiets een rondje in het havengebied en kom langs Semafoor waar volgens Richard een nest torenvalken zit. Ik kijk wel even rond, maar ik weet nu al zeker dat ik het niet kan vinden. Ik pak mijn verrekijker en zie dat ze op Forteiland meeuwen aan het ringen zijn. De man rechts houdt 2 jonge meeuwen in zijn hand. De helmen zijn nodig tegen de aanvallen van de meeuwen die dat niet leuk vinden.

Nog maar een stuk gefietst en ik kom langs de Heerenduinweg. Daar zitten 2 eksters, de ene heeft een extreem lange staart en de ander heeft flink ingeleverd.

’s Avonds ga ik met Richard naar het Semafoor, daar laat hij het nest van de torenvalken zien.

Op de terugweg kom ik langs de Haringkade waar jonge meeuwen op het dak zitten. Ach gossie, die poten!

Kleine mantelmeeuwen hebben gele poten.

Libellenexcursie

Zondag 30 juni 2019
De KNNV doet een wandeling Middenduin voor een libellen- en vlinderexcursie. Deze dikke kever is een kleine julikever.

Tandem watersnuffels.

Die mooie aar van de kalmoes is me nooit eerder opgevallen.

Waar riet is zijn rietkevers denk ik wel eens.

Hier zie ik vaker het zwarte verfdrupje.

Zo’n kans krijg ik niet vaak dat een jong fuutje zo dicht bij zit.

Ze zijn zo leuk.

Met hun geinige maskertjes.

Het is alsof ze zich geen raad weten met hun poten, toch schieten ze soms als een motorbootje vooruit.

We zien ook nog een mooie eikenpage. De gevlekte smalboktor is algemeen, toch is dit de eerste voor mij.

De kleine moeraswapenvlieg staat er netjes op.

Nog niet veel gezien dit jaar: de kleine vuurvlinder. Hier op ratelaar.

Veel larven van een bladwesp op de wederik.

Terwijl Renate druk aan het libellentellen is vind ik een bruine winterjuffer, dat vindt ze heel leuk. Kan ze ons gelijk wijzen op de houding van de vleugels, die aan een kant van het lijf gehouden worden. Ook bijzonder zijn de blauwe ogen.

Ernst ziet blaasjeskruid in het water, dat is een vleesetende plant.